Geplaatst door
Cor op 27-3-2011 22:44:09 |
Reacties (0)
Vinoblesse jubileert met verve
Vijfentwintig jaar geleden had ‘biologisch’ vooral een geitenwollensokkenimago, tegenwoordig staan respectvolle productiewijzen breed in de belangstelling. Was biologisch een kwart eeuw geleden vooral door idealisme ingegeven, tegenwoordig weten we ook dat aandacht voor het micro-ecosysteem van de wijngaard en voor wijnproductiewijzen die al die details doen doorklinken zich direct vertalen in de kwaliteit en typiciteit van wijn. En ‘organic’ is inmiddels een term met marketingwaarde; wie had dat drie decennia geleden kunnen vermoeden.
Niet dat de eigenaren van Vinoblesse zich daar echt veel van aangetrokken hebben, overigens. Hun plaats binnen de Nederlandse wijnmarkt is er altijd eentje geweest van aangename eigenzinnigheid.
Toen biologisch nog niet zo bon ton was, weken zij niet af van een filosofie die zij een juiste achtten, en toen dat wel het geval werd, toonden ze een kwaliteits- en kennisgerichte instelling door streng te blijven selecteren wat er goed genoeg was, en de kennis daartoe vereist op een hoog peil te houden: Tjitske behoorde tot de eersten in Nederland die het tot Magister Vini schopten.
In die zin was het een mooie erkenning dat zo veel wijnproducten vandaag hun jubileumproeverij met hun aanwezigheid luister bijzetten. En dat waren niet de eersten de besten: je staat niet elke dag met Vincent Dauvissat les Preuses en les Clos naast elkaar te proeven tenslotte. Zijn serie 2009 was overigens wonderschoon, en met zijn 2005 La Forest liet Dauvissat fraai zien dat een Chablis van 6 jaar oud nog jaren te gaan kan hebben.
Florian Busch van Weingut Clemens Busch had klassiek ‘rassige’ rieslings uit de Moezel op tafel staan. Mooie rotschiefer ‘instap’ (2009; €14,50) en daarna een serie wijnen van Ersten Lagen waarvan voor mij de Marienburg Rothenpfad (2009; €27) het best verwoordde wat ik in top-Moezel zo aantrekkelijk vind: de perfect verweven combinatie van transparantie, fruit en mineraliteit. De Marienburg Fahrlay en de Felsenterrassen selectie lieten nog meer concentratie zien en zijn stilistisch iets zwaarder. Pick your favourite.
Een ander aangenaam verblijf was aan de proeftafel van Nicoletta Bocca van San Fereole uit Piemonte. Klassieke en robuuste wijnen hier, met een Dolcetto di Dogliani Valdiba (2007; €11,25) die ze in Engeland zouden omschrijven als ‘not for the faint-hearted’. Mooie Barbera Austri 2005 ook, met als enige minpuntje dat die nog niet in het assortiment bleek te zitten. En dat de nebbiolodruif niet alleen in Barolo en Barbaresco hoog scoort, bewees een 2006 Langhe Rosso Il Provinciale, die met een prijskaartje van €17,95 mooi nebbiolo drinken tegen aantrekkelijk tarief biedt.
Aan de tafel van Dom. Vissoux stond de volledige line-up van de oogst 2010. Na alle ophef over de superoogst 2009 was ik daar wel benieuwd naar, en ik verliet hun tafel blij. Dit wijnjaar is wat minder rijp en vol dan het vorige, maar bij Vissoux hebben ze er fraai rustige wijnen van weten te maken die ook dit jaar weer très Beaujolais zijn, met voor mij als uitschieters de ‘gewone’ Villages Vieilles Vignes (€9,95) en de Fleurie les Garants (€14,75).
Bij de Moulin-à-Vent Trois Roches (€15,50) overigens nog een interessant gevalletje van wat ik het grootste gevaar van ‘kurk’ vind. Het zijn niet de flessen die echt kapot zijn die de grootste slachtoffers zijn, maar de flessen met een hele subtiele TCA-besmetting. Ik meende zoiets in mijn proefslok Moulin-à-Vent te bespeuren. Niet dat die wijn verkeerd was, maar hij had het nét niet.
Twee anderen proefden mee, en die keken me beleefd glimlachend doch niet helemaal begrijpend aan. Twijfel sloeg toen toe, want die meeproevers waren de-mevrouw-van-Vissoux en Marc-de-jubilaris. Maar ook een les uit mijn jaartjes Master of Wine trok op dat moment langs: learn to trust your palate. En ik heb die wijn thuis, weliswaar niet de 2010 maar toch. Een tweede belangrijke les uit London trok langs: wees niet bang om op je bek te gaan, maar leer er wél iets van.
Toch maar de stoute schoenen aangetrokken dus, en vriendelijk om een vergelijking met een andere fles gevraagd. Ik ging nu in elk geval iets leren, tenslotte.
En... inderdaad en gelukkig voor de wijn, want daar gaat het uiteindelijk om. Subtiel maar wel echt meer en mooier fruit in die slok uit de tweede fles, en een neus die nu helemaal volledig Beaujolais-gul uitnodigde. En de zucht van verlichting uiteraard.
Zo’n kans om er even een andere fles naast te proeven heb je doorgaans niet. En bij afwezigheid ervan is het resultaat dan toch dat je de wijn wat tegen vond vallen, terwijl de kurk de schuld behoort te krijgen.
Toch blij dat ik om die tweede fles gevraagd heb.